De doofpot wint het van de transparantie

Het “Huis voor klokkenluiders” wordt voorlopig nog niet gebouwd. De indieners van het wetsontwerp ter bescherming van klokkenluiders kregen vorige maand in de Eerste Kamer zoveel kritiek dat ze hun voorstel hebben aangehouden om het aan te passen aan enkele fundamentele bezwaren.

Het belangrijkste bezwaar van de senatoren tegen het plan van Van Raak (SP) c.s. was de plaatsing van het beoogde instituut bij de Nationale Ombudsman. Het “Huis” zou zich ook met de particuliere sector bezig gaan houden en daar heeft de Nationale Ombudsman volgens de Grondwet niets over te vertellen. Het instituut zou  verder twee niet goed verenigbare functies hebben: adviseren van de klokkenluider en het onderzoeken van de misstand. Nu komt er voorlopig in Nederland nog geen verbetering in de bescherming van klokkenluiders, een onderwerp dat al sinds het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw op de agenda staat.

Nederland staat in dit opzicht bepaald niet alleenEngeland heeft een heel behoorlijke regeling voor de meeste whistle blowers en zo zijn er nog wel een paar landen. Maar in de rest van de wereld loopt de klokkenluider net als hier grote kans om in het verdomhoekje te belanden, ontslagen te worden en ziek, depressief, berooid en uitgekotst door de collega’s te eindigen. Ook degene die het nobele doel had een maatschappelijke misstand in zijn of haar bedrijf aan te kaarten. Ondanks het maatschappelijke en ook economische voordeel dat openbaarmaking van misstanden kan hebben krijgt de doofpot in veel gevallen de voorkeur.

Een laatste redmiddel

De Britse whistle blower Annie Machon, een voormalige MI5 spion, noemde klokkenluiders deze week op een internationaal congres over de bescherming van klokkenluiders ‘een laatste redmiddel’ voor organisaties waar het fout loopt. Elke organisatie beschikt als het goed is over de nodige correctiemiddelen die voorkomen dat iemand, een hele afdeling of een een heel bedrijf over de schreef gaat. Maar vaak is er sprake van een gesloten cultuur waarin iedereen elkaar in principe dekt. Met alle risico’s van dien. Als iemand dan toch z’n vinger op steekt om een misstand te melden zou je dit moeten aangrijpen. Maar als zo iemand nul op rekest krijgt en na enige tijd de publiciteit zoekt is het eigenlijk al te laat. Het bedrijf zou er in feite ook mee gebaat zijn als een klokkenluider anoniem in een beschermde omgeving zijn verhaal kan doen en er een onafhankelijk onderzoek wordt gedaan. Om alsnog iets recht te kunnen zetten en schade te voorkomen. Maar in de meeste gevallen is de klokkenluider de kwaaie pier en wordt hij binnen het bedrijf geïsoleerd en onschadelijk gemaakt of op grond van gebrek aan loyaliteit via de arbeidsrechtelijke weg geloosd. En bij het uitblijven van een degelijke  bescherming zullen vele potentiële klokkenluiders hun mond houden om geen risico te lopen. Nog afgezien van de inschatting “dat er toch niets verandert”.

Lees verder via Sargasso.

 

  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef jouw mening

Close