Ons economisch welzijn anno 2016: Krimp, sociale onrust en afbraak

We schrijven oktober 2016. Dat is al weer een goeie 70 jaar na de 2e WO. Voor onze westerse economieën betekent dat een lange periode van een vreedzame samenleving. Geen oorlogen meer binnen de eigen grenzen, maar helaas veel oorlogsgeweld op afstand. Best wel zorgelijk.

De lange groeicyclus na WO2

Behalve een periode van langdurige harmonie hebben we mede door de wederopbouw na de 2e WO een lange cyclus gekend van economische groei. Af en toe een dipje in de vorm van een recessie, maar geen echte depressie, hoewel het jaar 2009 e.v. er misschien wel één was. Deze na-oorlogse periode van o.a. de flower-power en de intrede van het digitale tijdperk past goed in de theorie van sommige wetenschappers. Namelijk een tijdvak van langdurige groei opgevolgd door een lange periode van krimp. Vaak periodes van 50 tot 60 jaar. Een opgaande lijn doorbroken met wat dipjes en een neergaande lijn die wordt onderbroken met wat upjes. De altijd aanwezige ups-and-downs in de lange cyclus.

Kunstmatige groei door beleid centrale banken

Alle geleerden ten spijt moeten we ons in het hedendaagse tijdperk niet vasthouden aan ontwikkelde theorieën uit het verleden. Simpelweg omdat men toen niet kon voorzien hoe nieuwe (technologische) ontwikkelingen hun invloed zouden uitoefenen op onze complexe en internationaal verweven maatschappij. Zo kan het bestaan dat een lange cyclus van economische groei in deze 20-21ste eeuw langer kan duren dan in het verleden. Bijvoorbeeld door de instrumenten die beleidsmakers zoals centrale banken en overheden tegenwoordig toepassen. En niet in het minst door de moderne snelle communicatietechnieken die in het verre verleden node werden gemist als er bijvoorbeeld een systeemcrisis dreigde. Kijk bijvoorbeeld naar de snelle redding van vele banken na de val van Lehman Brothers. Al met al voldoende argumenten om aan te nemen dat de huidige periode van welvaart vanaf de 2e WO langer overeind kon worden gehouden dan in het verleden ooit denkbaar was. Gerekend vanaf 1945 tot aan 2009 praten we over een tijdvak van 64 jaren langdurige groeicyclus. Vanaf 2009 zullen we een (lange) periode van krimp niet kunnen ontlopen.

centrale banken doolhof

Nieuwe periode van krimp

Na 2008 zijn we in de beginfase aanbeland van de krimpcyclus. We zien heel duidelijk dat nu door het toepassen van nieuwe technieken en ook tactiek van o.a. de centrale banken de groei kunstmatig overeind wordt gehouden. Er zijn genoeg signalen. Zie de kwantitatieve verruiming van de geldhoeveelheid door de ECB en kijk naar de recordhoogte van de mondiale schuldenberg met daar aan vast het laagste rentepeil ooit. Maar kijk vooral ook naar toenemende burgerlijke onrust door de tweedeling in onze samenleving. Als contrasten vergroten, vergroten ook de spanningen. Als ik hier mijn eigen denkbeeld op loslaat dan denk ik dat we duidelijk bivakkeren aan het einde van de lange groeicyclus of wel begin van een tijdvak van krimp. “Hoe lang willen we en kunnen we een ernstig zieke patiënt kunstmatig in leven houden?” Overigens trekken steeds meer gevestigde economen dezelfde conclusie. Velen zijn bang dat zo meteen, wanneer de stimulerende middelen van centrale banken zijn uitgewerkt, een lange, of wel heftige korte periode aanbreekt van krimp.

Voorspelbare verwachtingen?

De vraag rijst natuurlijk wanneer precies de stimuli van de centrale banken zouden zijn uitgewerkt. Dat is nu een kwestie van alle ontwikkelingen op het gebied van onze internationale huishouding in de gaten houden. En dat kan verdomd lastig zijn. Vergt profetische kwaliteiten en is met ons menselijke brein niet te doen. Kijk maar naar de beursgoeroes die vaak met mooie grafiekjes en technische analyses hun verwachtingen proberen te schetsen van toekomstige marktontwikkelingen. En net zoals met de foute lange-termijn-weersvoorspellingen van onze weerkundigen zitten ook de beursanalisten er vaak naast als ze wat verder vooruit proberen te kijken. Kortom, economische voorspellingen zijn net als het weer moeilijk voorspelbaar op langere termijn. Onverwachte bewegingen, zoals oorlogsdreiging en een opkomend burgerlijk onbehagen, kunnen soms flink roet in het eten gooien en zelfs paniek op financiële markten veroorzaken. Er is naar mijn idee momenteel duidelijk sprake van onderschatte elementen die bepalen dat zekere economische fundamenten in de kiem worden gesmoord door negatieve en miskende invloeden die ondergronds woeden als een soort van veenbrand. Kijk naar de enorme mondiale schuldenberg (225 % BBP) met negatieve rente op al 30 procent van de staatsleningen. Ook de nieuwe bubbel in aandelen en onroerend goed. En juist deze spannende bewegingen maken de economische wetenschap zo interessant. De mondiale economie is heden ten dage meer verweven dan ooit waardoor bijvoorbeeld een crash in China zeker koude rillingen zal veroorzaken in de VS en in Europa. In andere volgorde gebeurt hetzelfde wanneer bijvoorbeeld in de EU de euro zou crashen.

We zijn verwend en vastgeroest in het oude

Niets blijft hetzelfde. Vaak blijven we vastgeroest zitten in het oude en vertrouwde en vergeten we om ons heen te kijken. Na een lange periode van groei is dat nu juist het grote manco. We denken dat het allemaal wel goed zit. Aan het eind van de vorige eeuw zijn er veel sociale zekerheden wettelijk vastgelegd. De goegemeente heeft vertrouwen in hun beleidsmakers en zakken weg in hun fauteuils en genieten van platvloerse TV, computerspelletjes en heel veel vormen van volksvermaak. Carnaval in overvloed. De jongere generatie is geboren in een “gouden tijd” en weet niet beter, tenzij men de geschiedenislessen op school goed heeft gevolgd. Maar hoe het ook zij, de mens is van nature lui en gauw geneigd op z’n lauweren te gaan rusten als het een poosje goed gaat. We hebben immers alles.

Sociale spanningen

Op een bepaald moment breekt dus een fase aan dat de goegemeente wakker wordt en constateert dat er een tweedeling is ontstaan in de maatschappij. De rijken zijn superrijk geworden en de armen armer tot straatarm. Er is te weinig geïnvesteerd en teveel gestimuleerd waardoor het grootkapitaal aan de haal gaat met het geld wat door kwantitatieve versoepeling (QE) door centrale banken van bovenaf in de financiële markten wordt gepompt. Hierdoor worden de verschillen tussen de bovenklasse en onderklasse extreem en gaat het dunne lijntje wat er nog tussen zit op een verkeerd moment breken. Door het enorme onderscheid in rijkdom en armoede in deze 21ste eeuw past een middenklasse er niet eens meer tussen. Deze is inmiddels zo ongeveer gedegradeerd naar de onderklasse. Door deze controverse groeit de onrust en ontstaan er spanningen die in plaats van een herstel eerst leiden tot een burgeroorlog, of nog erger, een nieuwe WO3.

Afbraakfase

We zien nu al dat we in een soort van afbraakfase verkeren. Opgebouwde zekerheden zoals pensioenen en de verzorgingsstaat staan onder druk. Bij groeiende onzekerheden bestaat het gevaar dat door oplopende spanningen een vertrouwenscrisis ontstaat waardoor makkelijk een beurscrash kan ontstaan met een totale afbraak van opgebouwde waarden. Het instorten van de effectenbeurzen geeft een kettingreactie naar de banken en pensioenfondsen die in grote problemen geraken. Faillissementen met een ontslaggolf, overheidstekorten, omvallende banken en nog een heleboel maatschappelijke narigheden. Een optelsom van ellende. Een echt doemscenario wat op de loer ligt. Weldra zal blijken dat het stimuleringsbeleid van centrale banken in de eindfase van een lange groeicyclus is uitgewerkt. Ik zou graag reacties willen zien die een ander scenario schetsen.

Lees verder via de Bron: Biflatie.nl

  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef jouw mening

Close