Staat aansprakelijk immateriële schade gasboringen Groningen (en Rutte liegt weer eens)

De Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) moet aan een deel van de inwoners van het Groningenveld de immateriële schade vergoeden, zo oordeelt de rechtbank Noord-Nederland. De NAM is aansprakelijk voor de door inwoners van het Groningenveld geleden en/of nog te lijden immateriële schade, als gevolg van de aardbevingen.

Recht ongestoord woongenot

De rechtbank oordeelt dat voor het deel van het Groningenveld, waar regelmatig aardbevingen worden gevoeld en schade wordt geleden, gesproken kan worden van een situatie waarin door de NAM een ernstige inbreuk wordt gemaakt op een fundamenteel persoonlijkheidsrecht, het recht op een ongestoord woongenot.

Ook zonder dat er sprake is van geestelijk letsel leidt dit tot aantasting in de persoon, bij degenen die daardoor persoonlijk gevoelens van angst, zorg en psychisch onbehagen ervaren.

Velen zijn bang voor hun veiligheid, ervaren spanningen en worden in hun dagelijks leven met de gevolgen van de aardbevingen geconfronteerd. Deze overlast overschrijdt gezien de aard, de ernst en de duur daarvan de grenzen van hetgeen eisers in het maatschappelijk verkeer als ‘gewone’ hinder hebben te accepteren en vormt een inbreuk op hun eigendomsrechten en op hun recht op ongestoord woongenot.

De rechtbank oordeelt dat de NAM, die deze onrechtmatige overlast heeft veroorzaakt, aansprakelijk is voor de schade die eisers daardoor lijden. Daarnaast is de NAM aansprakelijk voor materiële schade als gevolg van gederfd woongenot. In een vervolgprocedure (een zogenaamde schadestaatprocedure) zal per eiser de hoogte van een eventuele schadevergoeding worden bepaald.

Onrechtmatig handelen Staat

In navolging van de uitspraak van de Raad van State van 18 november 2015 concludeert de rechtbank, dat de minister gehouden was om na de aardbeving in Huizinge de gasproductie met het oog op de veiligheidsrisico’s voor inwoners in het Groningenveld zoveel mogelijk te beperken. De Staat heeft dat niet gedaan, (Dit terwijl Rutte nog zeer recent beweerde bij Jinek dat dat wel gebeurd was) ondanks het feit dat hij was geadviseerd dat wél te doen.

Let op: Op 6 maart 2017 beweert Rutte dat de Staat gaswinning had vermindert in Groningen, dit terwijl de rechter al op 1 maart 2017 de staat had veroordeeld dat dit niet was gebeurd.

Ook beweerde Rutte dat Nederland wel gas moet blijven gebruiken uit Groningen, omdat alle huishoudens ingesteld zijn voor dat Groningse gas, ook een flagrante leugen, want ook geimporteerd gas wordt geschikt gemaakt voor de Nederlandse huishoudens:

Meer buitenlands gas geschikt gemaakt voor huishoudens
De komende jaren worden de mogelijkheden vergroot voor het geschikt maken van gas uit het buitenland voor Nederlandse huishoudens. Dit gebeurt met het oog op een lagere gaswinning in Groningen, zo maakte minister Henk Kamp van Economische Zaken eind mei 2015 bekend.

Het gas kan geschikt worden gemaakt voor Nederlandse huishoudens door het in een stikstofinstallatie te mengen met stikstof. Op dit moment kan er op die manier in Nederland 20 miljard kubieke meter gas per jaar worden omgezet in installaties in Wieringermeer, Ommen en Zuidbroek. Die capaciteit gaat vanaf eind 2019 omhoog naar 30 miljard kubieke meter per jaar

Export van gas
Omdat er veel aardgas in de Nederlandse bodem zit, hebben we een goed gasnet aangelegd. Dat net wordt niet alleen gebruikt om Nederlanders van gas te voorzien, maar ook om gas te exporteren. Daar verdienen we dus aan. Gelukkig zit er nog meer dan voldoende aardgas in de grond, waar het Groningenveld ruim vijftig jaar na de ontdekking nog bijna 1000 miljard kubieke meter bevat.

De Staat heeft niet kunnen uitleggen dat en waarom een verdere reductie van de winning gelet op de leveringszekerheid niet mogelijk was. De rechtbank oordeelt dan ook dat de Staat onzorgvuldig heeft gehandeld in de periode van januari 2013 tot en met december 2015.

Eisers hebben echter niet onderbouwd dat zij geen schade zouden hebben geleden wanneer de Staat wel tot verdere reductie was overgegaan, zodat niet gezegd kan worden dat de schade die de eisers noemen het gevolg van dit onzorgvuldig handelen is. De rechtbank oordeelt daarom dat de Staat niet aansprakelijk is voor die schade en wijst die overige vorderingen van eisers tegen de Staat af.

Uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBNNE:2017:715

Lees verder via de Bron: zaplog

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef jouw mening