Nieuwe financiële crisis is waarschijnlijker geworden

Het mondiale financiële systeem heeft de afgelopen maanden toch weer aan stabiliteit ingeboet, waardoor de risico’s op een nieuwe crisis zijn toegenomen. Zo is de omvang van de slechte leningen op de balans van banken in de eurozone gestegen tot 900 miljard euro, drie maal het bbp van Oostenrijk. Daarnaast leiden de stijgende dollarkoers en de dalende olieprijs tot grote problemen bij een deel van de opkomende landen.

Er dreigt opnieuw een grote kapitaalvlucht naar de VS doordat beleggers enerzijds veiligheid zoeken en anderzijds rendement willen hebben. Met name landen als Turkije, Brazilië en Indonesië zien miljarden wegvloeien, waardoor de koers van hun valuta onder grote druk komt te staan.

Daarnaast ondermijnt de extreem lage rente – en in steeds meer gevallen de negatieve rente – de solvabiliteit van levensverzekeraars. Alleen levensverzekeraars in Europa hebben naar schatting 4.400 miljard euro aan kapitaal onder beheer. Bij de huidige rentestand kan een kwart van hen niet meer aan toekomstige verplichtingen aan de verzekerden voldoen, wat een enorme weerslag kan hebben op de rest van de financiële markten.

‘Vervelend neveneffect’

IMF-directeur José Vinals noemde deze problemen woensdag een van de vervelende neveneffecten van het kwantitatieve verruimingsbeleid van de centrale banken, zoals de ECB. ‘De spanningen in het financiële systeem zijn hierdoor sterk toegenomen. Gisteren zei ECB-president Mario Draghi nog dit beleid door te zetten.

Het stimuleringsbeleid heeft ook nadelen voor veel opkomende landen. ‘Terwijl ze hun eigen binnenlandse problemen proberen op te lossen, zijn opkomende landen verstrikt geraakt in ontwikkelingen die op een mondiaal niveau werken’, schrijft het IMF in het halfjaarlijkse Global Stability Report.

Het IMF roept toezichthouders op nu al maatregelen te nemen, zodat niet andere sectoren hierdoor in een val worden meegezogen

Omdat juist in deze landen bedrijven veel geld voor nieuwe investeringen in bijvoorbeeld grondstofwinning hebben geleend in dollars, dreigen grote problemen. Enerzijds drukken de leningen zwaarder op de bedrijven door de stijging van de dollarkoers, anderzijds krijgen zij minder geld voor grondstoffen. Als bedrijven de kredieten niet meer kunnen aflossen, slepen zij banken in hun val mee. Het IMF spreekt van dollarstress.

In Europa lijken na de pensioenfondsen ook de levensverzekeraars steeds meer problemen te krijgen met de lage of negatieve rentes. Het IMF roept toezichthouders op nu al maatregelen te nemen, zodat niet andere sectoren hierdoor in een val worden meegezogen. De Nederlandsche Bank riep de levensverzekeraars al op bedrijfsmodellen aan te passen aan de nieuwe realiteit van steeds verder dalende rentes. Volgens Vinals is er een cocktail nodig van hervormingen, reguleringen en het verzekeren van voldoende liquiditeit op de internationale markten.

Nederlandse schuld daalt

De lage rente heeft ook zo zijn voordelen. Landen kunnen hun tekorten daardoor sneller terugbrengen. Het IMF verwacht dat de Nederlandse overheidsschuld in 2020 op 59,2 procent van het bbp komt. Hiermee voldoet Nederland weer aan de norm van het stabiliteitspact, die stelt dat het maximum tekort van eurozonelanden 60 procent van het bbp mag zijn. Maar voor de probleemlanden in de EU gaat dat veel minder snel. Griekenland zal in 2020 nog een schuld hebben van 124,2 procent van het bbp, Italië 122,4 en Portugal 120,9 procent. De schulden van Spanje. Frankrijk en België liggen dan ook nog boven de 90 procent

Lees verder via Stop de bankiers.

  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef jouw mening

Close