Zo kwam/begon Sesamstraat in Nederland

‘Onderwijs in reclame-verpakking: de lessen van Sesame Street‘: zo klonk op 4 maart 1970 de kop van het eerste pleidooi voor een Nederlandse Sesamstraat. ‘Fantastisch hoe die reklamemensen de zeurderige onderwijstoon doorbroken hebben.’

In maart 1970 verscheen er een zeer positief artikel in Vrij Nederland van de psycholoog Dolph Kohnstamm over een nieuw Amerikaans kinderprogramma: Sesame Street. Het zou het moment worden waarop het Nederlandse Sesamstraat werd geboren: na een aantal proefafleveringen werd op 4 januari 1976 de eerste aflevering uitgezonden op de Nederlandse en Vlaamse televisie.

Voor acht miljoen dollar hebben ze in de Verenigde Staten een nieuw soort kompensatieprogramma gemaakt. Kompensatieprogramma’s zijn er om kleuters uit het milieu der minstgeschoolden een goede voorbereiding op de basisschool te geven. In Maya Pines’ Kinderen kunnen méér (Zomer en Keuning, 1969) worden enkele van die programma’s beschreven.

Sesame Street (spreek uit: séh-semie striet) is gloednieuw. Iedere dag wordt het programma door bijna 200 televisiezenders van Maine, in het uiterste Noord-Oosten, tot op het eiland Samoa, in de Pacific, uitgezonden. Meestal ’s ochtends een heel uur met laat in de middag een herhaling. In het gebied van New York zes keer per dag door vijf zenders — WLIW (kanaal 21), WNDT (kanaal 13), WYNE (kanaal 25), WNYC (kanaal 31)  en WPIX (kanaal 11).
sesamstraat
Deze eerste serie duurt 26 weken, bestaat uit 130 afleveringen, begon op 10 november en eindigt op 29 mei. De meeste Amerikaanse kleuters uit arme gezinnen gaan niet naar een kleuterschool.

Thuis staat de televisie meestal de hele dag aan. Waarom dan geen kompensatieprogramma gebracht via die televisie? De knop hoeft alleen maar op het goede moment op het goede kanaal gezet te worden. Dat wel. Daarom moest een deel van het budget besteed worden aan propaganda: schakel om 10.00 uur over op Sesame Street, uw kinderen zijn er dol op!

Dankzij de sponsors — de Ford Foundation, de Carnegie Foundation, de Markel Foundation, het Ministerie van Onderwijs en de Corporation for Public Broadcasting — kon een Children’s Television Workshop gevormd worden. Daarin werden een groot aantal deskundigen in werkgroepen samengebracht: televisiemakers, didaktici, ontwikkelingspsychologen, linguisten, tekstsociologen, maar vooral… reklamemensen. ‘The best of Madison Advertising,’ zoals een van mijn zegslieden zei.

En vooral die mensen die op andere momenten reklamespots maken om de konsument
te beïnvloeden in zijn koopgedrag, pasten nu hun trucs toe om de kinderen te beïnvloeden in hun spreken, denken, waarnemen, rekenen en lezen. ‘Je moet het gezien hebben om het te geloven,’ zei me een ander. ‘Fantastisch hoe die reklamemensen de zeurderige onderwijstoon doorbroken hebben. In een razend tempo en een kaleidoskopische opbouw worden de teksten, liedjes en scènes de huiskamer ingeslingerd.’

‘Dit programma wordt u gebracht door de letters B en K en het cijfer 2 .. and this is what B, K and two can do for you!. . . ’

Tegen de juffrouwen Ooievaar en Mier

Van ieder uur zendtijd wordt bijna de helft gebruikt voor het leren van letters en cijfers.  Alle handelingen spelen zich af in een levensecht decor van Sesame Street. Die straat wordt bevolkt door een groep malle mensen en sprekende dieren; blank en zwart geïntegreerd, op een dusdanige wijze dat militante negers kritiek geuit hebben op de rooskleurige voorstelling van de realiteit, die op deze wijze aan hun kinderen wordt voorgehouden.

Ook hebben de Amerikaanse dolle Mina’s geprotesteerd tegen de klassieke rollen die inSesame Street aan mannen en vrouwen, jongens en meisjes zijn toebedeeld. En inderdaad, tegen de makers van de juffrouwen Ooievaar en Mier zou ook in ons land moeten worden opgetreden. In de doelstellingen van het programma zij kognitieve (denken, taal, waarnemen, geheugen), sociale en affektieve aspekten onderscheiden. Veel aandacht wordt gegeven aan sukses-belevingen bij de kijkertjes. Hoe hoog het tempo ook ligt, steeds worden de kinderen aangemoedigd en uitgedaagd om de antwoorden of oplossingen te geven vóórdat Wonder the Witch, of een andere figuur uit Sesame Street dat doet.

Het programma is geschikt om op kleuterscholen door hele klassen gezien te worden. Talloze kleuterklassen hebben een televisietoestel aangeschaft om dit programma iedere dag te kunnen ontvangen.

Er wordt in het programma dikwijls herhaald, om bepaalde kritische moeilijkheden goed te oefenen. Lang niet alles gebeurt onverwachts. Integendeel, door bepaalde regelmatigheden krijgen de gebeurtenissen een grote mate van voorspelbaarheid, zodat ook de jongste kinderen zich steeds op bekend terrein voelen en tóch gespannen uitzien naar de afloop die zij hebben leren verwachten. Daarin verschilt zo’n echt voor de kleuters gemaakt programma Van bijvoorbeeld een programma als De Fabeltjeskrant, dat evenals Tom Poes voor grote mensen gemaakt lijkt te worden.

Voorbeelden van denkoefeningen: in 2 x 2 diagrammen het vierde ontbrekende woord zien te bedenken; op een scherm met oplichtende lampjes de meest waarschijnlijke voortzetting van een bepaalde volgorde zien te bedenken, net voordat een van de televisie-kinderen daar mee komt.

Men zegt dat veel serieuze onderwijsmensen in het begin gechoqueerd waren door de reklame-verpakking van de leerstof, waardoor het leerproces belachelijk gemaakt leek te worden. Ook zegt men dat de reklamemensen zich zo ingespannen hebben voor dit  programma uit schuldgevoelens over hun eigenlijke werk: mensen steeds meer dingen laten kopen die ze volstrekt niet nodig hebben.

Een gedeelte van de acht miljoen dollar is aan effektmetingen besteed. Er wordt nagegaan welke kinderen hoe vaak kijken; er worden kinderen geobserveerd terwijl ze kijken, en er worden tests afgenomen aan kinderen die wél en die niét gekeken hebben. Een tabel met de eerste tussentijdse resultaten (na zes weken, bij een bepaalde groep kijkertjes) werd eind januari in o.a. de New York Times gepubliceerd. Als de effekten voldoende groot geacht worden zal er nog meer geld komen om nieuwe programma’s te maken.

sesamstraat
De eerste resultaten over het onderzoek onder de kijkertjes van Sesame Street werden bij het artikel van Dolf Kohnstamm afgedrukt.

En in Nederland? De televisietoestellen zijn er nu, maar overdag staan ze uit en programma’s als Sesame Street hebben we niet. Onlangs suggereerde iemand permanente radiouitzendingen te laten brengen voor de taalontwikkeling van kleuters uit het milieu der minstgeschoolden: ‘Men kan denken aan permanente radioprogramma’s voor kleuters en schoolkinderen waarin op goed geartikuleerde wijze alsmaar spannende verhalen verteld worden. De ontvangertjes die alleen
déze zender zouden moeten kunnen ontvangen zouden gratis moeten worden
uitgereikt en voorzien zijn van afschermende koptelefoons.’

De suggestie werd door niemand serieus genomen. Hier krijgen we de Philips Foundation, de Shell Foundation, de AKU Foundation, de Unilever Foundation en het Ministerie van Onderwijs niet zo gek dat zij zich gezamenlijk in dit soort projekten begeven. Wij zijn hier nog in het stadium waarin we nagaan of we met konventionele kompensatieprogramma’s iets kunnen doen voor de kleuters uit het milieu der minstgeschoolden.

Ook gaapt er hier nog een brede kloof tussen de mensen van de schooltelevisie en Teleac aan de ene, en die van de reklamebureaus aan de andere kant. Maar wat niet is kan komen. Het adres van de Children’s Television Workshop is bij mij verkrijgbaar voor wie belooft dat hij of zij moeite zal doen een paar uur Sesame Street op de Nederlandse televisieschermen te krijgen.

Lees verder bij de Bron: Stop de bankiers

Photo by See-ming Lee 李思明 SML

  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef jouw mening

Close